Hoe kan dat dak nou van zo’n beetje sneeuw instorten?

Inmiddels is de januari sneeuw al weer uit ons collectieve geheugen verdwenen, maar tijdens die barre (…) week raakten de media niet uitgepraat over de schuldvraag rond de ingestorte daken. Meestal kreeg de ontwerper de schuld, met af en toe nog een veeg uit de pan voor de wetgever.

Het dak en een deel van de gevel van (sport-)Hal22 in Utrecht stortte in ten gevolge van de sneeuwval in januari 2026.

De banale werkelijkheid is dat calamiteiten in de bouw bijna altijd het gevolg zijn van gebrek aan kennis en opportunisme bij meerdere schakels in de keten opdrachtgever-architect-constructeur-aannemer en/of installateur-beheerder-gebruiker/huurder. Op de achtergrond spelen de wetgever, de publieke of private toezichthouder en het Bevoegd Gezag ook hun partijtje mee. Laten we eens bekijken hoe de keten er bij de ingestorte daken uit ziet.

Te beginnen met de opdrachtgever, die vaak stuurt op zo laag mogelijke (nieuw)bouwkosten. Bij industriehallen kom je dan al snel uit op standaardontwerpen met lichte daken en draagconstructies. Met de krachtige software van tegenwoordig kan de constructeur met de kleinst toegestane veiligheidsmarge zorgen dat het gebouw in de startsituatie -op papier- precies aan de eisen voldoet.

Daarna kan het in de uitvoering al direct misgaan. Er wordt bv gekozen voor alternatieve bevestigingsmiddelen van de dakplaten aan de draagconstructie omdat de voorgeschreven middelen niet leverbaar zijn. Of de opdrachtgever wil op het laatste moment een kantoortje toevoegen, waardoor de gevelconstructie onderbroken en verzwakt wordt. Of aannemer plaatst om financiële redenen de uitlopen naar de hemelwaterafvoer bij de kolommen in plaats van op de laagste punten in het dakvlak. Lichte platte daken hebben de hinderlijke eigenschap een beetje te gaan doorhangen, waardoor er kuilen ontstaan. Bij te weinig afschot blijft er dan water op het dak staan, waardoor de kuil langzamerhand dieper wordt. Enz.

Een bekend fenomeen is dat de brandveiligheid van bouwwerken terugloopt door herhaalde verbouwingen. Denk aan brandwerende constructies die doorboord worden voor nieuwe leidingen of de tienjaarlijkse modernisering van oude winkelpanden in onze historische binnensteden.

Explosie met uitslaande brand in de Utrechtse Visscherssteeg, januari 2026. Oude binnensteden zijn risicolocaties uit het oogpunt van veiligheid. Het kwaliteitstoezicht op bestaande panden is zeer beperkt.

Bij sommige soorten bouwwerken kan een verandering van de gebruiksfunctie of de intensiteit van de gebruiksfunctie de belasting op de constructie verhogen. Als je dan bij de bouw geen overcapaciteit hebt ingebouwd wordt goedkoop duurkoop. Zo gaan onze ministers van infrastructuur de komende decennia héél veel geld uitgeven aan het verzwaren of vervangen van bruggen en viaducten, omdat er onvoldoende rekening gehouden was met de groei van het verkeer. Bij de instorting van de parkeergarage in Nieuwegein was een bijkomende oorzaak dat geen rekening was gehouden met het toenemend aandeel auto’s-met-overgewicht.

Ook de architect kan in een probleem in de keten veroorzaken. Bijvoorbeeld door een schouwburg te ontwerpen waarvan de toneeltoren op drie kolommen stond. Niet op vier, wat constuctief wel handig is. Vervolgens mocht de constructeur een oplossing bedenken. Dat deed hij, en daar kwam veel staal aan te pas. Bij de aanbesteding schrok de opgever zich wild, dus kreeg de aannemer de opdracht om de kaasschaaf over de staalconstructie te halen. Toen pasten bij de montage van het staalskelet ’s middags een paar trekstangen niet meer, waarna de montageploeg dacht: dat maken we morgen in orde. De constructie stortte gelukkig ’s nachts in, niet de ochtend erna.

Is zo’n lean & mean gebouw eenmaal opgeleverd, dan moet je jaar-in-jaar-uit nog steeds blijven opletten. Bij de industriehal kan bijvoorbeeld na verloop van tijd besloten worden daklichten of zonnepanelen toe te voegen, waardoor de vaste dakbelasting én de wind- en sneeuwbelasting kunnen toenemen. Bij vergunningvrije (ver)bouwactiviteiten kan het dan pijnlijk worden als de opdrachtgever vergeet een constructeur en kwaliteitsborger in te schakelen.

Tijdens de gebruiksfase is een goed beheer belangrijk. Allereerst door alle bouw- en revisietekeningen, constructie- en installatieberekeningen goed te bewaren. Merkwaardig dat dit nog steeds niet verplicht is. Vervolgens door goed preventief onderhoud, een periodieke check (“APK”) op constructie, brandveiligheid en installaties. Zeker bij publieksgebouwen en gebouwen waar minder zelfredzame mensen verblijven. Door de toegankelijkheid van vluchtroutes frequent te controleren. Bij de ingestorte daken was in een aantal gevallen vergeten om goten en HWA-uitlopen schoon te maken en opgewaaide sneeuw te verwijderen.

Natuurlijk heeft de gebruiker van een gebouw ook een verantwoordelijkheid voor een veilig gebruik. Zo kwam ik in studentenhuizen nét iets te vaak kratjes bier tegen die moesten voorkomen dat zelfsluitende branddeuren ook echt dicht gingen. Dat is zo vermoeiend vonden de studenten.

Dan komen we bij de verantwoordelijkheden van de overheden, voor effectieve wetgeving en publiek toezicht. Bij de ingestorte platte daken door de sneeuwval waren veel deskundigen het erover eens dat het afschot in Nederland te klein is. De aanbeveling -geen voorschrift- is 16mm/m, terwijl veel andere landen 30mm/m aanhouden. In combinatie met lichte stalen dakconstructies die relatief veel doorbuigen ontstaan dan “kuilen”. Het ligt volgens mij voor de hand om daar de wetgeving op aan te passen. Dat geldt ook voor het paal en perk stellen aan creatief rekenen met sneeuwbelasting (effect opwaaien en inklinken).

Wetgeving is papieren werkelijkheid als er geen sprake is van effectief, publiek geborgd, toezicht. Dat zijn geen populaire activiteiten tot er een calamiteit plaats vindt. Afgelopen jaar kon de commissie STOER zonder veel weerwoord beweren dat bouwen te duur is en te lang duurt door te veel regels. Geen woord over de maatschappelijke meerwaarde en de lagere levensduurkosten ten gevolge van deze regels. Toezicht kost geld. Dat geld moet effectief besteed worden. De Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw, waar ik bestuurslid van ben, heeft de ambitie om de baten van dat toezicht transparanter te maken.

Vroeger was alles beter. Toch?

Sinds april 2022 ben ik een van de drie bestuursleden van de Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw (TloKB). Dat is de publieke waakhond bij het geprivatiseerde toezicht in de bouw, ingevoerd per 1 januari 2024. Voorlopig alleen voor eenvoudige nieuwbouw projecten (gevolgklasse 1 BBL/Bouwbesluit). Dat stuit bij de oude toezichthouder (bouw- en woningtoezicht gemeenten) op veel kritiek, zo blijkt uit een recente enquete van Binnenlands Bestuur. Lees hier mijn reactie op de enquete in BB van gisteren. Omdat deze reactie wat ingekort moest worden vind je hieronder de volledige tekst.

Dak en zijwanden van sporthal Hal22 in Utrecht stortten op 7 januari 2026 gedeeltelijk in na stevige sneeuwval. De hal was pas recent (2023) opgeleverd.
Lees verder “Vroeger was alles beter. Toch?”

Onderhoud je CV-ketel

Sinds vijf jaar werk ik een dag per week bij de Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw (TloKB). De TloKB controleert of het toezicht op bouwprojecten aan de wettelijke kwaliteit voldoet. Nu alleen nog voor relatief simpele nieuwbouwprojecten (“gevolgklasse 1” voor de liefhebbers), maar in de toekomst ook voor complexe bouwprojecten en renovaties. We hebben nog een paar andere toezichthoudende taken, zoals op de kwaliteit van installateurs die onderhoud doen aan gasverbrandingsinstallaties. Daarmee verklein je het risico op koolmonoxidevergiftiging, ontploffingen en branden. Sinds 2023 mag dat onderhoud alleen nog gedaan worden door goed opgeleide (“gecertificeerde”) installateurs.

Een erkend installateur plakt na onderhoud van je CV-ketel deze CO-vrij sticker. Doet hij dat niet dan heb je waarschijnlijk te maken met een beunhaas. Meld dat bij de gemeente, die kan daartegen optreden.
Lees verder “Onderhoud je CV-ketel”

Jaren-60 galerijflats: toch maar snel preventief controleren

In mei 2011 brak bij de Antillenflat in Leeuwarden een van de galerijplaten af. Door een dominoeffect braken vervolgens ook een aantal lager gelegen galerijplaten af. Gelukkig waren er geen doden of gewonden te betreuren, maar menig bewoner van een galerijflat zal zich afgevraagd hebben: hoe zit dat bij mijn flat? Ik ging bij de bewoners op bezoek en stelde voor om snel alle vergelijkbare flats aan een preventief onderzoek te onderwerpen. Minister Donner vond dat niet nodig. Vandaag verscheen de studie van CUR/Platform constructieve veiligheid die de oorzaken analyseerde.

Lees verder “Jaren-60 galerijflats: toch maar snel preventief controleren”

We gaan erover of we gaan er niet over

Deze gevleugelde uitdrukking was het motto van het kabinet Rutte-I. De gedachte: je moet elkaar als overheden niet voor de voeten lopen, laat één bestuurslaag zijn werk goed doen in plaats van dat meerdere overheden half werk leveren. Maar wat gebeurt er als die ene overheid GEEN goed werk levert? Lees hier de casus brandveiligheid zorginstellingen. En huiver.


de brand in GGZ-instelling Rivierduinen kostte drie mensen het leven

Lees verder “We gaan erover of we gaan er niet over”

debat Bouwregelgeving en brandveiligheid

Voor dag en dauw begon gisterochtend het afsluit debatje (VAO, alleen voor het indien van moties) over een aantal thema’s op het gebied van bouwregelgeving. Ik heb drie moties ingediend: over welstandstoezicht bij bouwprojecten in stads- en dorpsgezichten, de invoering van een wettelijk verplichte verzekerde garantie indien de gemeentelijke preventieve toets op het Bouwbesluit vervalt en een verplichte opleverkeuring voor ventilatieinstallaties bij woningen.


in meer dan de helft van de nieuwbouwwoningen voldoet de ventilatieinstallatie niet aan de wettelijke eisen; CO2-gestuurde ventilatie is een van de strategieën om daar verbetering in te brengen.

Lees verder “debat Bouwregelgeving en brandveiligheid”

Bundel toezicht gebouwen in bouwpolitie

Afgelopen jaren gebeurden er een aantal ongelukken die duidelijk maakten dat grote aantallen gebouwen voorzien zijn van riskante constructies of installaties. De Inspectie VROM (sinds kort Inspectie ILT) vroeg de gemeenten om de risico’s te inventariseren, maar keer op keer blijkt dat het merendeel van de gemeenten dat niet doet. Het bouwtoezicht op de bestaande voorraad is verslonsd. Tijd voor de oprichting van een bouwpolitie?


ingestorte spouwmuur van kopgevel in Rijswijkse flat (foto: adviesbureau Nieman)

Lees verder “Bundel toezicht gebouwen in bouwpolitie”

Bouwleges: zijn ze van de pot gerukt?

In februari 2000, twaalf en een half jaar geleden, stelde Remi Poppe schriftelijke vragen over het artikel “leges: heel veel geld voor flutwerk.” Grond voor het artikel was een dissertatie waarin onderzocht was of gemeenten voldeden aan de verplichting van artikel 229b van de Gemeentewet, waarin gesteld wordt dat leges maximaal gelijk mogen zijn aan de reëel te maken kosten voor de af te geven vergunning. Het is nu 2012 en de kwalificatie “veel geld voor flutwerk” is voor de meeste gemeenten nog steeds van toepassing.


gezien de prijs van een bouwvergunning zou je denken dat de afgifte plaats vindt na zware onderhandelingen

Lees verder “Bouwleges: zijn ze van de pot gerukt?”

Verborgen gebreken bedreigen waarde van woningvoorraad

(opinieartikel Paulus Jansen en Andrè Thomsen, gepubliceerd in het Financieele Dagblad, 26 november 2011)

Kopers van bestaande en nieuwe woningen lopen kans om een kat in de zak te kopen. Zonder een effectieve kwaliteitsborging vormen verborgen gebreken in de verouderende woningvoorraad een potentiële tijdbom onder zowel de veiligheid als de waardeontwikkeling met aanzienlijke maatschappelijke schade als gevolg.

kopers van appartementen aan de Antillenweg in Leeuwarden kochten een kat in de zak; door betonrot braken een aantal galerijen af

Lees verder “Verborgen gebreken bedreigen waarde van woningvoorraad”