Vandaag hebben de provinciebesturen van Limburg, Noord-Brabant en Overijssel opvallend eenduidig en tegelijkertijd aangegeven dat Essent moet opgaan in een ‘strategische, eventueel buitenlandse, partner’ en dat zij op termijn van hun aandelen Essent af willen. De drie provincies hebben samen 65% van de aandelen en dat is een hele vervelende constatering. Particuliere, buitenlandse investeerders kunnen dus de macht krijgen binnen dit nu nog publieke energiebedrijf.
Zij doen dit twee maanden nadat het gemeentebestuur van Amsterdam al heeft aangegeven haar aandelen NUON te willen verkopen.
Ik wil dat minister van der Hoeven (Economische Zaken) snel maatregelen neemt om te voorkomen dat provincies hun aandelen in het energiebedrijf Essent verkopen. Als we niet oppassen komt Essent straks in handen van de jongens die gaan voor het grote geld en daar worden de klanten niet beter van.
Minister van der Hoeven heeft steeds ontkend dat gemeenten en provincies zich snel van hun aandelen zouden ontdoen. Letterlijk zei zij vorig jaar nog: “Het zal zo’n vaart niet lopen, meneer Jansen.” Maar ondertussen lijkt de definitieve opheffingsuitverkoop van de publieke energiesector vol op stoom te komen.
Ik vind dat energiebedrijven in publieke handen moeten blijven: Zij moeten zich richten op het leveren van energie voor een fatsoenlijke prijs aan de Nederlandse consument. Als de aandelen in handen komen van buitenlandse investeerders is de kans groot dat ze zich vooral bezig gaan houden met buitenlandse avonturen en zo groot mogelijke winsten. Het belang van de consument is voor hen hoogstens bijzaak.
Ik zal morgen in de Tweede Kamer vragen naar een standpunt van minister van der Hoeven. Volgende week kan wat mij betreft dan een stevig debat volgen.
