De Moduna steen: gehaat door de metselaar

De meeste mensen zal bij de naam Bredero wel een lampje gaan branden: de projectontwikkelaar die rond 1970 het funshoppen in Nederland op de kaart zette met de bouw van ‘Winkelhart van Nederland’ Hoog Catharijne. Het was een van de eerste aannemers die de potentie van beton als bouwmateriaal onderkende.

gele Modunastenen als gevelafwerking in de Waddenbuurt/Lunetten

In 1923 kocht het bedrijf een Duits patent voor betonelementen, dat ze voor de eerste keer toepaste bij de bouw van de Utrechtse Betonbuurt. De huizen waren spotgoedkoop, maar ook koud en vochtig. Dat weerhield het bedrijf niet van het doorontwikkelen van betontoepassingen, ook door middel van fabrieksmatige productie. B2 korrelbeton elementen werden aanvankelijk alleen voor binnenmuren, maar later ook wel in het zicht toegepast. Gerrit Rietveld was er dol op. In 1983 bracht Bredero een nieuwe betonsteen op de markt: de Moduna.

Die paste in een ontwerpinnovatie die bedacht was door de Stichting Architecten Research (SAR): modulair bouwen. Door alle onderdelen waarmee een gebouw wordt samengesteld vaste maten te geven (N x 30cm en 10cm) zou de bouwproductie gestroomlijnd kunnen worden en het aandeel prefabrikage verhoogd.

In Nederland was op dat moment het waalformaat (21x10x5cm) de gebruikelijk maat voor bakstenen. Die past qua afmeting en gewicht prima in de hand van een metselaar en wordt dus al eeuwenlang gebruikt als gevelafwerking. Maar hij is niet modulair. Dat gat moest de Moduna steen opvullen. Hij was 29cm lang en 9cm hoog, inclusief voegen precies 30x10cm. En natuurlijk was hij van beton, want bij Bredero was alles van beton.

De steen werd gelanceerd in de Utrechtse wijk Lunetten, die op dat moment in aanbouw was. Bredero was naast Wilma en Nevanco een van de drie bouwbedrijven die samen de ontwikkelcombinatie Lunetten BV gevormd hadden. Van de 5000 woningen in Lunetten zullen naar schatting 1000 tot 1500 met de Modunasteen gebouwd zijn. In een van die huizen woon ik zelf. Grappig: want ik werkte in die tijd zelf bij concurrent Nevanco.

En beviel het nieuwe product? Nou nee. Om te beginnen hadden de metselaars een pesthekel aan de Moduna. Hij woog ruim twee keer zoveel als een gewone baksteen, je kreeg er kramp van in je vingers. En ander nadeel is dat betonstenen veel minder gemakkelijk water opnemen dan bakstenen: ze gaan drijven. Daardoor kon je minder lagen opmetselen voordat je moest pauzeren om de specie te laten drogen en daar houden uitvoerders niet van. Een laatste nadeel is dat beton sterker uitzet en krimpt bij temperatuurstijging en -daling dan baksteen. Je moet extra dilataties (een soort voegen) maken om krimpscheuren te vermijden. En dan nog zie je met name bij kopgevels 50 jaar later regelmatig krimpscheuren ontstaan.

scheurvorming in een kopgevel, ontstaan door temperatuurverschillen ten gevolge van bezonning/schaduw.

Niet iedere innovatie is een succes. De Modunasteen was dus geen lang leven beschoren. Maar hij kan nog steeds bekeken worden in de enige wijk waar hij massaal is toegepast: Lunetten.

meer lezen over de historie van de baksteen, kalkzandsteen en betonsteen in Nederland:

Plaats een reactie