Volgens staatssecretaris exportbevordering Frank Heemskerk (PvdA) moeten de Nederlandse drinkwaterbedrijven de buitenlandse markt op. Hij zaagt daarmee aan de poten van het huidige publieke stelsel en gaat lijnrecht in tegen het beleid van minister Cramer, verantwoordelijk voor de drinkwatersector.
Op dit moment doen de bedrijven alleen -op zeer beperkte schaal- iets aan ontwikkelingssamenwerking, maar ze ontwikkelen geen commerciële initiatieven in het buitenland. Dat mogen ze trouwens ook niet, want het aandeel buitenlandse omzet is door minister Cramer (VROM) beperkt tot maximaal 1%. De reden daarvoor is dat de drinkwatersector -wettelijk verankerd- een publiek monopolie is en de wetgever vindt dat publieke bedrijven niet op de commerciële toer moeten gaan met het geld van hun gebonden klanten.
Klaarblijkelijk heeft Heemskerk daar geen boodschap aan. Dat kan alleen maar betekenen dat hij het ook onzin vindt dat deze bedrijven in overheidshanden zijn, want je kan voorspellen dat commerciële avonturen de prelude zijn op een nieuwe privatiseringsdiscussie. Daar zit ik niet op te wachten.
Vragen van het lid Jansen (SP) aan de minister van VROM over de toelaatbaarheid van commerciële activiteiten van Nederlandse publieke drinkwaterbedrijven in het buitenland.
1. Heeft u kennis genomen van de uitspraken [*] van de staatssecretaris van Economische Zaken over de expansiemogelijkheden voor de Nederlandse drinkwaterbedrijven in het buitenland en heeft deze zijn uitspraken vooraf met u afgestemd?
2. Overweegt de regering de 1% norm voor buitenlandse activiteiten van publieke drinkwaterbedrijven -primair bedoeld om beperkte activiteiten op het gebied van ontwikkelingssamenwerking mogelijk te maken- te verruimen of zelfs te laten vervallen?
Zo ja:
– waarom is de Kamer daarover niet vooraf geïnformeerd?
– wilt u alsnog zo spoedig mogelijk een goed onderbouwd voorstel daartoe aan de Kamer voorleggen, zodat deze in de gelegenheid is om over deze fundamentele koerswijziging zijn oordeel uit te spreken?
– Hoe is deze koerswijziging te rijmen met het algemene uitgangspunt dat publieke (nuts)bedrijven zich niet moeten bezig houden met commerciële nevenactiviteiten, enerzijds omdat hiermee risico’s genomen worden met het geld van gebonden klanten, anderzijds omdat hierdoor het level playing field ondermijnd kan worden via het verstrekken van kruissubsidies?
Zo nee: wilt u de uitspraken van de staatssecretaris corrigeren, zodat er geen misverstanden kunnen ontstaan over de kerntaak en toelaatbare nevenactiviteiten van de Nederlandse publieke drinkwaterbedrijven?
[*] Het Financiëele Dagblad, 10 juni 2009