Afgelopen tien jaar is het aantal huishoudens in Nederland gestegen met een half miljoen. En de komende tien jaar komen er, vooral door de gezinsverdunning, nog eens een half miljoen huishoudens bij. Een flink deel van die mensen is aangewezen op een sociale huurwoning. Dus moet het aantal sociale huurwoningen omhoog. In werkelijkheid daalt het, en de minister van wonen zit daar niet mee.
Vorige week hadden we een debat met mevrouw Vogelaar over de prestaties van woningcorporaties. Ik vroeg haar toen om aan te geven wat voor haar de ondergrens is voor het aantal sociale huurwoningen in relatie tot de omvang van de doelgroep: dat zijn de mensen die zijn aangewezen op zo’n huis.
De minister vindt het niet nodig om daar een grens aan te stellen. Ze wil afspraken maken met de regio’s over de hoeveelheid nieuw te bouwen sociale huurwoningen en dat vindt ze wel voldoende. Om die reden heb ik gisteren een motie ingediend, die komende dinsdag in stemming komt.
Lees hier de tekst van de motie: